Verplicht asbestattest bij verhuur vanaf 2030
15/01/2026
Vlak voor kerst besliste de Vlaamse regering principieel het volgende: vanaf 2030 zal een asbestattest verplicht zijn bij het afsluiten van een nieuwe huurovereenkomst. Naar analogie met andere attesten zal de verhuurder het asbestattest aan de huurder moeten overhandigen uiterlijk voorafgaand aan de ondertekening. Deze nieuwe verplichting kadert in de tijdslijn richting 2032. Dat is het ogenblik waarop elke woning over een asbestattest moet beschikken. Dus: los van verkoop of verhuur. Zowel deze generieke verplichting als de regeling vanaf 2030 bij verhuur hebben uiteraard enkel betrekking op woningen met risicobouwjaar (<2001).
De regering wil met deze verplichting een aantal doelstellingen realiseren:
- Meer aandacht voor risicogebouwen waar kinderen en jongeren veel tijd in spenderen, waaronder dus ook huurwoningen.
- Een spreiding richting de generieke verplichting om over een asbestattest te beschikken tegen uiterlijk 01/01/2032, door de nieuwe verhuringen al vanaf 2030 mee te nemen. Op die wijze wil de regering vermijden dat er in 2031 plots een massa aan aanvragen komt, die een bottleneck vormen.
- Tegemoet komen aan de herhaalde vraag van onder meer de SERV en de Minaraad naar een betere bescherming van huurders.
Vandaag geldt enkel de volgende regel: als er een asbestattest is, moet dat aan de huurder moet worden overhandigd. Er is dus geen algemene informatieplicht. Vanaf 2030 wordt dat anders. Vanaf dan moet er bij elke nieuwe verhuring een asbestattest worden opgemaakt en – voorafgaand aan de ondertekening van het huurcontract – aan de huurder worden overhandigd.
Deze informatieplicht zal blijven doorlopen na 2032. Dat is de datum waarop elke woning met risicobouwjaar (<2001) over een asbestattest moet beschikken. Dat asbestattest zal dus overhandigd moeten worden aan de huurder bij nieuwe verhuringen. Vanaf 2032 moet het attest er sowieso zijn én geldt de informatieplicht bij verhuur.
De informatieplicht is beperkt tot de verhuur van een woning als hoofdverblijfplaats. Onder meer studentenkamers zijn hierdoor uitgesloten.
Bron: cibweb.be